Zero Trust wordt vaak verkocht als een product dat je aanzet. In werkelijkheid is het een ontwerpprincipe: ga er nooit vanuit dat verkeer, een gebruiker of een apparaat te vertrouwen is, alleen omdat het zich binnen het bedrijfsnetwerk bevindt. Elke toegang wordt expliciet geverifieerd, ongeacht waar deze vandaan komt.
Drie principes
Verifieer expliciet. Elke aanvraag wordt beoordeeld op basis van identiteit, apparaatstatus, locatie en risico — niet alleen op basis van een geldig wachtwoord.
Gebruik minimale toegangsrechten. Gebruikers en systemen krijgen alleen toegang tot wat ze daadwerkelijk nodig hebben, niet meer.
Ga uit van een inbreuk. Ontwerp uw omgeving zo dat een eventuele inbreuk beperkt blijft tot een klein deel van het netwerk, in plaats van dat één zwakke plek toegang geeft tot alles.
Wat dit in de praktijk betekent
Voor de meeste organisaties begint dit met Conditional Access-beleid in Entra ID: toegang wordt afhankelijk gemaakt van factoren zoals apparaatcompliance en locatie. Vervolgens volgt netwerksegmentatie, zodat een gecompromitteerd apparaat niet automatisch bij alle systemen kan. Endpoint-beveiliging (zoals Microsoft Defender) en continue monitoring maken het geheel compleet.
Zero Trust is dus geen eenmalig project, maar een manier van werken die stap voor stap wordt opgebouwd — vaak beginnend bij identity, omdat dat vandaag de dag de meest voorkomende toegangsweg is voor aanvallers.